4 minutes reading time (752 words)

Dit is het Unieke Brein van Michael van Gerwen..

MVG

De maand december staat in teken van het wereldkampioenschap Darten. Vanavond is het affiche de kwartfinalepartij tussen Michael van Gerwen en Raymond van Barneveld. Maar hoe kan het dat deze toppers nu zo goed kunnen gooien? Het antwoord zit verscholen in het brein..

Darten lijkt een simpele sport maar als ik zelf ga gooien, dan mag ik blij zijn dat ik met 3 pijlen in de 20 gooi. Om even een goed beeld te krijgen hoe het brein van darters werkt gaan we even terug in de tijd, namelijk de dartsfinale tussen Phill Taylor en Raymond Van Barneveld in 2007. 

Het staat 6-6 gelijk in sets en er moet een verschil zijn van twee legs om te kunnen winnen. De spanning is om te snijden tussen de darters. Wat gebeurt er nu in het brein van deze spelers? Een belangrijk onderdeel van ons brein is het executieve systeem, deze functies zijn aansturend en controlerend voor je hele doen en laten. Die aansturing gebeurt grotendeels onbewust. Een belangrijk onderdeel van het executieve systeem is het werkgeheugen. Het werkgeheugen wordt vaak vergeleken als de 'dirigent' van je brein. Het kunnen vasthouden van informatie en het be- en verwerken van deze informatie gedurende een korte periode is de belangrijkste taak van het werkgeheugen.

Het gooien van pijltjes lijkt een geïsoleerde handeling, dit betekent dat door veel en dan ook heel veel training de pijltjes op automatische piloot richting de tripple 20 vliegen. Darters hoeven amper 'na te denken' hoe ze de pijltjes gooien. Het is net als bij profvoetballers die niet bezig zijn met hoe ze een pass over 10 meter moeten geven. Het niet nadenken over bewegingen wordt ook wel het 'cerebellum-motorische cortex lus' genoemd. Dit houdt in dat hij zijn werkgeheugen ontwijkt en dus niet nadenkt over hoe hij de standaard pijltjes richting de tripple 20 gooit. Dit zijn vooral de eerste twee pijlen, bij de derde pijl zie je vaak dat ze de posities aanpassen. Dan zie je van Barneveld verschuiven van links naar rechts, hij past z'n positie ten opzichte van het bord aan. Hij ziet namelijk dat hij niet lekker voor het bord staat. Deze visuele informatie komt binnen in de prefrontale cortex waar de executieve functies zich begeven. Hier komt het 'besef' dat z'n positie niet best is om de pijl te gooien. Hij gebruikt zijn visueel ruimtelijk-werkgeheugen om een nieuwe tactiek te bedenken. Hij gebruikt hiervoor berekeningen die gebaseerd zijn op kennis en ervaringen. Deze informatie wordt naar de Cerebellum gestuurd om de bewegingen te programmeren. De Motorische Cortex zorgt ervoor dat de beweging uitgevoerd wordt. 

Het dealen met externe druk is misschien wel het belangrijkste voor een darter. Masters heeft onderzoek gedaan naar het brein en welk deel er nu voor zorgt dat mensen om kunnen gaan met sportspecifieke druk. Proefpersonen moesten leren putten (Golf), waarin ze in twee groepen werden opgedeeld. De eerste groep kreeg instructies met behulp van professionele coaches. Daarbij kregen ze veelvuldig feedback hoe ze het beste konden putten. De tweede groep werd niet begeleid door coaches maar moesten tijdens het putten een willekeurige letter opnoemen op moment dat ze een toon van een metronoom hoorden. Op deze manier werd het werkgeheugen steeds geprikkeld. Op de laatste dag was er sprake van prestatiedruk. De groep die het putten hadden aangeleerd zonder coaches scoorden beter in vergelijking met de andere groep. Maar hoe kan dit nu? De eerste groep kreeg toch les van professionele coaches? Master concludeerde dat de 'metronoom' groep het werkgeheugen ter beschikking had om de spanning onder controle te houden. Terwijl de andere groep het werkgeheugen juist gebruikte om te kunnen putten. Omdat het werkgeheugen zo druk was met herinneren van het automatisme had het geen ruimte meer over om de spanning onder controle te houden.

Een andere bepalende factor bij het dartspel is simpel en snel kunnen rekenen. Vooral aan het einde van de leg moeten darters snel kunnen rekenen wat ze gegooid hebben en op welk getal ze willen uitkomen. Er is onderzoek gedaan naar rekenvaardigheden en de kwaliteit van het werkgeheugen. De groep die zwak was in rekenen scoorde ook laag op het werkgeheugen, de gemiddelde rekengroep had ook gemiddelde scores op het werkgeheugen die pasten bij de leeftijdsgroep. Tja misschien is het handig om toch even het werkgeheugen te gaan testen: 


Een goed werkgeheugen is naar mijn mening cruciaal voor succes tijdens het darten. Het belangrijkste is dat je goed kunt concentreren en niet snel afgeleid wordt door het publiek en de spanning van de wedstrijd. Dus wie heeft het brein het beste op orde heeft, is dat Michael van Gerwen of Raymond van Barneveld? Aan het einde van de avond weten we het....

Het Geheim van Spiegelneuronen...
Gymzaalvloer 2.0, Train het Brein op deze Unieke M...