4 minutes reading time (817 words)

Het Ultieme Brein van een Topschaker..

119

Momenteel is het wereldkampioenschap schaken in volle gang. Het is een titanenstrijd tussen de Noor Magnus Carlsen en de Amerikaanse uitdager Fabiano Caruana. Mooi moment om eens stil te staan bij wat er gebeurt in het brein van deze topschakers?  

Schaken wordt vaak als het strategische spel gezien. Met zoveel verschillende mogelijkheden is elke wedstrijd nooit hetzelfde. De meeste schaakwedstrijden, en vooral op amateurniveau, zijn vaak traag. Zo probeert iedereen zetten vooruit te denken, dit vergt concentratie en lang nadenken. Eén ogenblik van onoplettendheid of overhaasting kan leiden tot een blunder. De toegestane tijd verschilt per wedstrijd maar varieert vaak van vier tot zes uur. De Nederlandse hoogleraar didactiek en schaakmeester Adriaan de Groot deed in 1940 onderzoek naar het denkproces van topschakers. De schakers moesten hardop zeggen welke zet ze zouden doen. Het duurde slechts elke seconden toen ze de zet zagen van hun keuze. Zijn conclusie was dan ook dat hoe beter de schaker, hoe beter de gemaakte beslissing.

Werkgeheugen

Een belangrijke breinfunctie welke belangrijk is met schaken is het werkgeheugen. Het werkgeheugen is in staat om informatie voor een korte periode vast te houden en te bewerken. Dit kan vergeleken worden met een tijdelijk notitiepapiertje, waar vaak maximaal 7 items opgeschreven kunnen worden. Een topschaker kan met één blik, een willekeurige schaakbord onthouden en vervolgens herproduceren. Maar hoe is het mogelijk dat deze topspelers zoveel en zo snel kunnen onthouden? Dit fenomeen wordt Chunking genoemd. Om grote hoeveelheden informatie te onthouden is het raadzaam om alles in kleinere stukjes te hakken. Eenmaal opgeknipt kunnen de stukjes informatie weer samengevoegd worden. Kijk hier de fantastische uitleg over Chunking: 

Even terug naar het schaken, zo onthouden topspelers ook stukjes informatie over de positie van de schaakstenen. Alle informatie wordt opgeknipt in 4 a 5 kleine stukjes, neem bijvoorbeeld het kleine groepje: De lopers en de Koningin. Dit is allemaal gebaseerd op strategische schaaksituaties waar ze steeds moeten reageren. Echter als de schaakstenen random door elkaar staan hebben ook topspelers moeite om dit te onthouden en te reproduceren. Dit komt omdat er geen herkenbare patronen te ontdekken zijn die opgesplitst kunnen worden in kleine Chucks. Het goed kunnen opsplitsen is een kwestie van trainen, trainen en nog eens trainen! Normaal gesproken breken de neuronen in het werkgeheugen weer af, echter door uren van trainen blijven worden deze neuronen permanent. Maar hoe is het toch mogelijk dat topschakers zoveel zetten vooruit kunnen denken en dit ook zo snel doen?

Onbewust – Automatisme

Door het chunken kan een topschaker vele patronen onthouden die vervolgens in het lange termijn geheugen opslaan. Eenmaal opgeslagen komt het in ons onderbewustzijn. In systeem 1 zoals Daniel Kahneman ons onderbewustzijn omschrijft, worden meer dan elf miljoen bits per seconden verwerkt, terwijl ons ons bewustzijn maar 45 bits per seconden verwerkt (systeem 2). Bij topschakers is het patroonherkenning dat waarmee ze zich onderscheiden ten opzichte van een 'amateur' schaker. Alle zetten worden door topschakers onthouden in het lange termijn geheugen waar het wordt opgeslagen. Gedurende een schaakwedstrijd herkennen ze onbewust patronen uit vorige wedstrijden waardoor ze snel kunnen reageren. Om te onderzoeken hoe dit precies zit hebben ze topschaakster Susan Polgar onderzocht. Onderzoekers hebben gebruik gemaakt van een fMRI, de afkorting fMRI staat voor functional MRI, functional Magnetic Resconance Imaging en is een speciale MRI-techniek die wordt gebruikt in het moderne hersenonderzoek waarbij de activiteit van de hersenen door middel van een computer zichtbaar worden gemaakt in een driedimensionaal beeld. De fMRI is uitgerust met een video monitor waarop verschillende clips getoond kunnen worden. Bij Susan hebben ze eerst foto's van bekende topschakers laten zien, vervolgens hebben ze Susan verschillende plaatjes van schaakborden getoond. Deze schaakborden zijn spelsituaties uit haar verleden, ze moest oplossingen gaan bedenken alsof ze aan het schaken was. Nu blijkt dat dezelfde hersengebieden actief zijn als het gaat om herkennen van gezichten en schaakpatronen. (Zie afbeelding hieronder, Bron: Youtube). 

Met dit gegeven kan ze elke schaakpositie in 0.8 seconden herkennen die ze gespeeld heeft, bijna hetzelfde als een gezicht van een oude bekende. Op deze manier heeft ze extreem veel variaties van spelsituaties in haar hoofd en hoeft ze elke zet niet helemaal uit te denken. Susan geeft zelf ook aan: 'Ik maak gebruik van mijn instinct, mijn gevoel, het is eigenlijk niks anders als patronen herkennen. Je kunt het vergelijken met gissen, alleen op een intelligente manier'.

Erg interessant om te lezen hoe topschakers nu eigenlijk denken. Dus hoe worden nu beslissingen genomen en wat gaat daar aan vooraf? Topschakers zijn in staat om onbewust beslissingen te nemen, wat komt door de vele uren training. Alleen tegen gelijkwaardige spelers is hun brein actief in het vooruit denken van zetten. Wat meegenomen kan worden naar andere sporten is Chunking, namelijk het opknippen van informatie om het zo beter te onthouden. Dus bewegingen of spelsituaties opknippen om ze zo onbewust te laten reproduceren. Later meer over Chunking. Bekijk hieronder een interessante mini documentaire over schaakgrootheid Magnus Carlsen 

Visuele en perceptuele training in voetbal: Een st...
De 10 wijze lessen van Train Ugly