5 minutes reading time (1053 words)

Het Lerend Vermogen van ons Sportbrein? (Neuroplasticiteit)

86

Sporters trainen dagelijks/wekelijks met als doel om uiteindelijk beter te kunnen presteren. Maar hoe kan het dat ons Sportbrein deze informatie oppikt en opslaat? En waarom klopt de 10.000 uur regel niet?

Wij mensen zijn eigenlijk nooit uitgeleerd, vanaf onze geboorte leren we elke dag weer nieuwe dingen bij. Niet alleen in de sport maar ook in het dagelijks leven is ons brein druk in de weer om alle nieuwe ervaringen op te slaan of te wissen. Dr. Lara Boyd vertelt in een TEDx alles over het lerend vermogen van onze hersenen. Zo is er in de afgelopen 10 jaar veel veranderd op het gebied van hersenontwikkeling. Onderzoekers zijn tegenwoordig in staat om hersenfuncties te meten met een MRI. Deze ontwikkeling heeft er voor gezorgd dat vele bestaande theorieën over de hersenen (deels) niet kloppen of totaal onwaar zijn. Zo dachten onderzoekers dat een kinderbrein niet of nauwelijks meer kon veranderen, iets wat totale onzin is. Een andere misconceptie is dat je brein niet actief is op het moment dat je nergens over aan het nadenken bent. Het brein blijft namelijk zeer actief ook als je even niks doet en aan het wegdromen bent.

Neuroplasticiteit

Elke keer als iemand iets nieuws (aan)leert veranderen je hersenen, dit wordt ook wel neuroplasticiteit genoemd. Onderzoek laat zien dat gedrag van invloed is op de veranderingen in het brein, leeftijd speelt hierin geen rol. Maar hoe werkt nu neuroplasticiteit? Onze hersenen kunnen in de basis op drie verschillende manieren veranderen. De eerste manier is door een chemische veranderingen. Diep in ons brein worden er constant chemische signalen gestuurd tussen hersencellen, die ook wel neuronen genoemd worden. Deze chemische signalen zorgen voor constante series van acties en reacties. Tijdens een leerproces kunnen de chemische signalen toenemen of geconcentreerder worden tussen de hersencellen (Neuronen). Dit verschijnsel gaat erg snel en verklaart ook dat we op korte termijn snel dingen kunnen onthouden. Ook kunnen structuren in de hersenen veranderen in de loop van tijd, dit is de twee manier hoe het brein leert. Deze verandering kost echter veel meer tijd en kan gekoppeld worden aan het lange termijn geheugen. Deze processen staan constant met elkaar in verbinding. Om even een voorbeeld te geven: Als je bijvoorbeeld begint met hooghouden van een bal kun je in enkele uren veel vooruitgang boeken. Maar als je vervolgens even stopt en de volgende dag weer verder gaat dan kan het zo voorkomen dat je weer helemaal opnieuw moet beginnen. Dit heeft te maken dat de eerste dag de chemische signalen tussen neuronen zijn toegenomen, dit heeft echter geen effect gehad op de structurele veranderingen in het brein. Deze structurele veranderingen zijn nodig om de geoefende beweging daadwerkelijk op te slaan. Onderzoekers geven dan aan wat je ziet op korte termijn niet als 'iets geleerd' mag aannemen. Dit kan alleen op het moment dat er hersengebieden veranderen (lange termijn) en niet door toename van chemische signalen tussen hersencellen (korte termijn).

Gedrag is van grote invloed op ons lerend vermogen.

Deze veranderingen kunnen ook uitgroeien tot grote integrale netwerken tussen verschillende brein structuren. Zo is er onderzoek gedaan naar taxi chauffeurs in London die alle straten uit het hoofd moeten leren voor het examen. In het brein van deze chauffeurs zijn er grote netwerken gevonden in het ruimtelijk geheugen. Ook kunnen hersendelen van functie veranderen door het aanleren van nieuwe dingen. Dus hele netwerken van hersengebieden kunnen zich verplaatsen en/of veranderen. Al samenvattend leert ons brein doormiddel van neuroplasticiteit middels chemische, structurele en functionele veranderingen. Maar waarom heb ik dan moeite om iets te leren? Of waarom heb ik moeite op school? Of hoe kan het zodra we ouder worden dingen gaan vergeten? Dr. Lara Boyd kan uit haar studies verschillende lessen trekken over neuroplasticiteit. De eerste en misschien wel belangrijkste les is dat veranderingen in het brein gestuurd worden door het gedrag. Onderzoek laat zien dat  hoe moeilijker de oefeningen zijn tijdens training hoe groter de structurele veranderingen zijn in het brein.Nu kan neuroplasticiteit zowel positief als negatief werken, je kunt namelijk iets nieuws leren of verbeteren maar ook iets vergeten of verslaafd raken aan drugs. Het brein is dus zeer adaptief dat zich aanpast naar wat je allemaal doet of juist niet doet. De tweede belangrijke les is dat er geen 'one-size-fits-all' methode is als het gaat om leren. Neem nu bijvoorbeeld de 10.000 uur regel, er wordt namelijk gesteld dat je 10.000 uur ergens voor moet trainen om er goed in te worden. Onderzoek wijst uit dat dit niet helemaal klopt, bij sommige gaat het een stuk sneller en bij andere duurt het juist langer. Dit heeft te maken dat ieders brein uniek gevormd is en ook weer anders in elkaar zit. Er bestaat dus niet één manier dat gaat werken voor grote groepen. Met dit gegeven is het goed om te realiseren dat ieder individu op een andere manier leert. Dit vraagt ook om gepersonaliseerde trainingsmethodes gericht op de individu.Dit is direct ook de nieuwe uitdaging voor onderzoekers. Dus welke methodes zijn nu geschikt om het brein te gericht te ontwikkelen?

Veel van het bovenbeschrevene lijkt niet nieuw. De conclusie dat het gedrag van invloed is op het leergedrag is 'natuurlijk' logisch. Sommige sporters zijn bijvoorbeeld goed in voetbal of hockey terwijl de andere super goed kan darten. Het is voor een coach belangrijk om structureel de hersenen te prikkelen tijdens de training. Hoe uitdagender de training, des te groter de structurele veranderingen in de brein. Dit ligt in lijn met hoe Julian Nagelsmann traint bij Hoffenheim. Oud assistent Alfred Schreuder zei het volgende tegen de NRC: „Net als de spelers de oefening doorhebben, doen we weer wat anders", legt Schreuder uit. „We proberen de spelers in stress-situaties te brengen. Voorbeeld: we doen een positiespel met een verdedigende partij in het midden, met daaromheen vier doelen waarop de verdedigers kunnen scoren als ze de bal hebben. Alle doelen hebben een verschillende kleur. Hebben ze de bal veroverd, dan roepen wij bij welke kleur ze kunnen scoren. Door die veranderende omstandigheden moeten ze continu nadenken, wat vermoeiend is. Nieuwe spelers moeten ook erg wennen aan deze manier van trainen." Dit is ook de reden waarom ik veel met SMARTGOALS train. Later meer over neuroplasticiteit en sport..

Benieuwd naar de Tedx? Klik hier..

Oja, misschien moeten de hersenen van de onderstaande sporters toch anders getraind worden.. (Kijk hieronder of klik hier)

Het Sportbrein optimaal ontwikkelen door meerdere ...
Het Geheim van Spiegelneuronen...