8 minutes reading time (1639 words)

Ontdek de 'Working Memory Field Test'

221

In vele wetenschappelijke studies wordt er gerefereerd aan het Werkgeheugen. Maar is dit nu ook op het veld te meten?  

Werkgeheugen en profvoetbalprestaties.

Het kunnen vasthouden van informatie én het kunnen be- en verwerken van informatie is de belangrijkste taak van het werkgeheugen (Gathercole, 2013). Baddeley (2003) beschrijft het werkgeheugenmodel waarbij er onderscheid wordt gemaakt in verbaal werkgeheugen en het visueel ruimtelijk werkgeheugen. Deze twee komen samen in het centraal executief gebied. Opslaan, verwerken en het reguleren van informatie is de belangrijkste taak van het centraal executief werkgeheugen (Baddeley,1992). Daarentegen vindt in het verbaal werkgeheugen het proces van onthouden en bewerken van woorden cijfers en lettergrepen plaats. In het visuele werkgeheugen vindt het proces plaats waarbij het onthouden en bewerken van de vorm of de kleur van dingen maar ook de locatie ervan (Smidts & Huizinga, 2011). Profvoetballers moeten in de wedstrijd situaties inschatten, en deze vergelijken met eerdere ervaringen, creatieve alternatieven bedenken, snel beslissingen nemen en remmen (Vestberg et al., 2012). Uit onderzoek van Vestberg et al., (2012) is gebleken dat executieve functies belangrijk zijn voor voetballers en het kan zelfs het toekomstige succes voorspellen. Dit onderzoek concludeert dat voetballers die op het hoogste niveau spelen over betere executieve functies beschikken in vergelijking met spelers die op een lager niveau uitkomen. Daarnaast stelt de Nederlandse onderzoekster Verburgh (2015) dat top voetbaltalenten significant beter scoren op 'motor inhibitie' (uitstellen van keuzes). Op vlakken als reactiesnelheid en werkgeheugen scoren de profvoetballers bovengemiddeld maar niet significant.

Hans Erik Scharfen en Daniel Memmert (2019) hebben 19 jeugdtalenten van een Duitse voetbalprofopleiding gebestudeerd (Gemiddeld 12,72 jaar oud, SD=0,45). Om de breinkwaliteiten in beeld te krijgen hebben de onderzoekers gekozen voor de volgende neuropsychologische testen: Attention Window Task, Working Memory Span Test, Perceptual Load Test en The Motion Object Tracking Test. Daarnaast zijn er verschillende motor performance testen afgenomen die de voetbalkwaliteiten in beeld hebben gebracht. Dit zijn de 10 en 20 meter sprint test, de slalom test, dribbeltest, bal controle test (passing test) en hooghouden. Er is een positieve correlatie gevonden tussen de Attention Window Task en de dribbelkwaliteiten van een speler. Vervolgens is er ook een positieve correlatie gevonden tussen de resultaten op de werkgeheugen taak en het dribbelen, balcontrole en hooghouden. Volgens onderzoekers kan deze correlatie verklaard worden omdat voetballers tijdens de wedstrijden meervoudige informatie moeten verwerken (omgeving, tegenstander, bal). 

Werkgeheugen testen

Het werkgeheugen kan op verschillende manieren getest worden. Een belangrijke testbatterij is de WISC. In de WISC-V-NL worden cijferreeksen en plaatjesreeksen gebruikt om het werkgeheugen te meten. Bij Cijferreeksen krijgt de proefpersoon een cijferreeks voorgelezen en moet het deze in dezelfde volgorde (Voorwaarts), in omgekeerde volgorde (Achterwaarts) en in oplopende volgorde (Sorteren) reproduceren. Het schakelen tussen verschillende onderdelen van cijferreeksen vereist cognitieve flexibiliteit en mentale alertheid. Alle onderdelen van cijferreeksen hebben betrekking op registratie van informatie, korte gefocuste aandacht, auditieve discriminatie en auditieve herhaling. Cijferreeksen voorwaarts meet auditieve herhaling en tijdelijke opslagcapaciteit in het werkgeheugen. Cijferreeksen Achterwaarts en Sorteren hebben betrekking op het werkgeheugen, transformatie van informatie, mentale manipulatie en kan ook betrekking hebben op visueel ruimtelijk beeldvorming (Flanagan & Kaufman, 2009; Groth-Marnat, 2009; Reynolds, 1997; Sattler, 2008b).

Voetbalafstanden en tijd. 

In het huidige voetbal worden hoge eisen gesteld aan de fysiologische en technische kwaliteiten van de spelers. Vooral sprints over korte afstanden (5-10 meter) komen vaak voor. Deze sprints worden niet altijd in rechte lijn uitgevoerd; in wedstrijden wordt tijdens het sprinten juist veel gedraaid en gekeerd. Bovendien dienen spelers in staat te zijn om kort na elkaar dergelijke sprints uit te voeren; zowel zonder bal als met de bal aan de voet. (Huijgen, 2010).

Dual Task

In 2011 heeft Tim Garbett onderzoek gedaan naar dual-task in Rugby. Dual-task wil zeggen dat sporters cognitieve en motorische taken tegelijk moeten uitvoeren. Vervolgens zegt dit iets over hoe 'geautomatiseerd' nu eigenlijk de basisbewegingen zijn. Deze geautomatiseerde bewegingen zijn vaak de basistechnieken; in voetbal zijn dit o.a de balcontrole en dribbelen. Voetballers die deze basistechnieken beheersen hoeven niet 'na te denken' over de beweging en hebben de cognitie om een strategie te formuleren wat ze met de bal gaan doen. De tijd en ruimte die voetballers hebben om een keuze te maken neemt vaak af bij verhoging van het spelniveau.

Werkgeheugen Veld Test

Alle bovenstaande wetenschappelijke kennis is gebundelt in de onderstaande test. De test is opgedeeld in twee gedeeltes, de auditief en visueel gedeelte. Er is enkel gekozen voor Cijferreeksen Achterwaarts. Zeker gezien de vermoeidheid / kwaliteit van de oefeningen. Er kan gekozen worden om Cijferreeksen Voorwaarts ook te doen.

Auditief

De speler staat bij meter 1 voor de pionnen. De testleider begint met 2 cijfers, waarna de speler begint met de sprint / dribbel. De tijd start zodra de speler door de SMARTGOAL sprint / dribbelt die op de 2 meter lijn staat. De speler werkt de twee cijfers af in omgekeerde volgorde. De testleider zegt bijvoorbeeld 2 – 4. Dat betekent dat de speler bij lijn 4 180 draait en doorgaat naar lijn 2 om vervolgens weer 180 te draaien. Zodra alle cijfers zijn afgewerkt is het de bedoeling om zo snel mogelijk door de SMARTGOAL te gaan die op lijn 14 staat. Precies 30 seconden later begint de testleider met het opnoemen van volgende reeks cijfers. Elke keer als de speler een succesvolle reeks getallen heeft afgewerkt komt er een getal bij. Een verwisseling van cijfers of een verkeerd cijfer is een fout. Elke beurt mag een speler 1 fout maken, bij 2 fouten is de test af. De testleider schijft de tijd op en het aantal cijfers dat een speler heeft kunnen onthouden. De sprint / dribbeltijd wordt via de SMARTGOALS app afgelezen en genoteerd. Direct na het auditieve deel gaat een speler door met het visuele. (Er kan uiteraard ook gekozen worden voor een stopwatch ipv de SMARTGOALS om de sprinttijden te meten.

Visueel

Dit is precies hetzelfde protocol als bij auditief, echter dit keer ziet de speler de cijfers op de tablet verschijnen. Elke keer begint een speler bij 2 cijfers en gaat door tot er 2 fouten gemaakt zijn. Bij 1 fout mag de speler door en krijgt hij of zij een cijfer extra te onthouden. Ook hier gaat het om Cijferreeksen Achterwaarts. Dit betekent dus beginnen met het laatste cijfer dat een speler te zien krijgt op de tablet, vervolgens terugwerken naar het eerste cijfer.

Na minimaal 5 minuten rust wordt dezelfde test nogmaals gelopen, maar nu met de bal aan de voet. Wederom geldt dat de spelers bovenstaande herhalingen uitvoeren. De trials zijn afhankelijk van het aantal cijfers die spelers te verwerken krijgen. 

Zoals gezegd zijn er verschillende studies die suggereren dat het werkgeheugen belangrijk is voor een profvoetballer. Echter er ontbreekt nog een test die het werkgeheugen in combinatie met voetbalvaardigheden meet. De Working Memory Field test probeert hier antwoord op te geven door neuropsychologische testen met veldtesten te combineren. Het doel is dan ook meer inzicht te krijgen in de kwaliteit van het werkgeheugen in combinatie met sprint en technische vaardigheden (Dribbelen) bij Jeugd (Prof) voetballers. Een belangrijke opmerking is dat deze test nog vollop door Sportbrein in validatie is. Later meer over de resulaten!

Literatuur

Alloway, T., & Alloway, R. (2014). De winst van het werkgeheugen. Amsterdam, Nederland:

Baddeley, A. (1992). "Working memory." Science 255(5044): 556-559.

Dr Tim Gabbett, Matthew Wake & Bruce Abernethy (2011): Use of dual-task methodology for skill assessment and development: Examples from rugby league, Journal of Sports Sciences, 29:1, 7-18

Flanagan, D. P., & Harrison, P. L. (Eds.). (2012). Contemporary intellectual assessment: Theories, tests, and issues (3rd ed.). New York, NY: Guilford Press.

Flanagan, D. P., & Kaufman, A. S. (2009). Essentials of WISC-IV assessment (2nd ed.). Hoboken, NJ: John Wiley & Sons

Flanagan, D. P., Alfonso, V. C., Ortiz, S. O., & Dynda, A. M. (2010). Integrating cognitive assessment in school neuropsychological evaluations. In D. C. Miller (Ed.), Best practices in school neuropsychology: Guidelines for effective practice, assessment, and evidence-based intervention (pp. 101-140). Hoboken, NJ: John Wiley & Sons.

Gathercole, S. E., & Alloway, T. P. (2013). De invloed van het werkgeheugen op het leren: handelingsgerichte adviezen voor het basisonderwijs. Amsterdam: SWP.

Groth-Marnat, G. (2009). Handbook of psychological assessment (5th ed.). New York, NY: John Wiley & Sons.

Huijgen, B. C. H., Elferink-Gemser, M. T., Post, W. & Visscher, C., 2010, In : Journal of Sports Sciences. 28, 7, p. 689-698 10 p., 921901394.

Huizinga, M. and D. P. Smidts (2011). "Age-related changes in execu- tive function: A normative study with the Dutch version of the Be- havior Rating Inventory of Executive Function (BRIEF)." Child Neuro- psychol 17(1): 51-66.

Miller, D. C. (2010). Best practices in school neuropsychology: Guidelines for effective practice, assessment, and evidence-based intervention. Hoboken, NJ: John Wiley & Sons.

Miller, D. C. (2013). Essentials of school neuropsychological assessment (2nd ed.). Hoboken, NJ: John Wiley & Sons

Nieuwezijds. Reynolds, C. R. (1997). Forward and backward memory span should not be combined for clinical analysis. Archives of Clinical Neuropsychology, 12(1), 29-40.

Sattler, J. M. (2008b). Resource guide to accompany assessment of children: Cognitive foundations (5th ed.). San Diego, CA: Author.

Scharfen H-E and Memmert D (2019) The Relationship Between Cognitive Functions and Sport-Specific Motor Skills in Elite Youth Soccer Players. Front. Psychol. 10:817. doi: 10.3389/fpsyg.2019.00817

Terry McMorris, Jon Swain, Marcus Smith, Jo Corbett, Simon Delves, Craig Sale, Roger C. Harris, Julia Potter, Heat stress, plasma concentrations of adrenaline, noradrenaline, 5-hydroxytryptamine and cortisol, mood state and cognitive performance, International Journal of Psychophysiology, Volume 61, Issue 2, 2006, Pages 204-215, ISSN 0167-8760, https://doi.org/10.1016/j.ijpsycho.2005.10.002.

Dr Tim Gabbett, Matthew Wake & Bruce Abernethy (2011): Use of dual-task methodology for skill

assessment and development: Examples from rugby league, Journal of Sports Sciences, 29:1, 7-18

Verburgh, L. (2015). Neurocognitive functioning in talented soc-cer players: A challenge for more sedentary children?

Vestberg, T., et al. (2012). "Executive functions predict the success of top-soccer players." PLoS One 7(4): e34731.

Hierdoor is Informatie zonder Context Lastig te be...
Dit is de wetenschap achter Agility
 

Reacties

Er zijn nog geen reacties gegeven. Wees de eerste die een reactie geeft
Gast
woensdag 04 augustus 2021

Captcha afbeelding

By accepting you will be accessing a service provided by a third-party external to https://sportbrein.com/