4 minutes reading time (816 words)

Visuele en perceptuele training in voetbal: Een studie bij profvoetballers

120

Kijkgedrag is cruciaal voor een (prof)voetballer. De vraag is hoe kan dit nu het beste getraind kan worden? De Noorse onderzoeker Geir Jordet heeft hier een onderzoek naar gedaan.

Anno 2018 komt er steeds meer aandacht voor kijkgedrag bij (prof)voetballers, echter intensief onderzoek uit het verleden heeft nog niet geleid tot wetenschappelijke trainingsprogramma's. Volgens Jordet is perceptuele training een erg ondergewaardeerd onderzoeksgebied. De geschreven onderzoeken zijn vooral laboratorium studies (Voor 2003). Hier werden proefpersonen gevraagd om naar een scherm te kijken met verschillende voetbalsituaties, met daarbij vragen over de situaties. Echter deze testen zijn vaak afgenomen bij 'amateur voetballers. Er is maar weinig bekend over profvoetballers en het effect van visueel trainen. Kijkgedrag in teamsporten is van groot belang, aldus Jordet. Het visueel scannen kan gedefinieerd worden als een beweging van lichaam en hoofd, voordat een speler de bal ontvangt. Het is echter onmogelijk om te stellen dat balsporters alle informatie kunnen oppikken zonder dat er een hoofdbeweging aan vooraf gaat.

Een belangrijk onderdeel in het trainingsprogramma van Jordet is visualiseren. Er zijn verschillende studies gedaan naar het effect van visualiseren en sporten. Echter als trainingsmiddel is visualiseren nog niet veel gebruikt. Dit is volgens Jordet verassend omdat er een sterke hypothese is dat er een link is tussen visualiseren en perceptie. Zeker omdat sommige cognitieve processen activeren tijdens het echte spel en gedurende het visualiseren. Met deze kennis in het achterhoofd heeft Jordet de volgende onderzoeksvraag gesteld: Kan visualisatie dienen als visuele en perceptuele training in profvoetbal.

Om deze vraag te kunnen beantwoorden zijn er drie mannelijke professionele middenvelders geselecteerd. Om de effecten van de interventie (Visualiseren) te meten zijn de volgende voetbalacties in kaart gebracht; 1. De frequentie van het kijken (rekening houdend met de tijd). 2. Aantal kijkacties voordat de bal ontvangen wordt (Op het moment dat de bal onderweg is). 3. Verschillende manieren van kijkgedrag (Gedeeltes van het veld, voor de blik op de bal – Wegkijken van de bal voor een aantal seconden – Gezichtsveld in de tegenovergestelde richting van de bal). 4. Kijkgedrag aan de bal dat beoordeeld werd op een 1 tot 7 schaal.

Vervolgens was de opdracht dat spelers visualisatie gingen gebruiken. Het was de bedoeling dat spelers zich gingen voorstellen dat ze in een wedstrijd situatie stonden. Vervolgens moesten ze continu gaan scannen naar kansen die er waren met bal. Elke week werd er een sessie gepland voor in totaal 10 – 14 weken. Iedere deelnemer kreeg een instructeur, een copy van de CD, om zo nog extra te oefenen. Op de CD stonden de opdrachten die er ongeveer het volgende uitzagen:

Medespeler 1 heeft de bal en speelt hem naar medespeler 2. Medespeler 2 dribbelt vervolgens de bal over het veld waarna hij naar rechts draait en de bal naar medespeler 3 speelt. Jij staat op het punt de bal te ontvangen van medespeler 3 en je kijkt steeds om je heen, met je hele lichaam, hoofd en ogen. Je kijkt weg van de bal om de kansen te zien om je heen.

De resultaten geven weer dat visualiseren kan bijdragen aan het kijkgedrag van profvoetballers. Bij twee deelnemers werden er meer kijkactiviteiten waargenomen. Echter de verbeteringen zijn minimaal, dit is te verklaren doordat de spelers op het hoogste niveau spelen. Daarnaast zijn er argumenten dat visualiseren niet krachtig genoeg is om het kijkgedrag van profvoetballers te verbeteren. Spelers gaven wel aan dat visualiseren hen hielp met het maken van acties in de wedstrijd. Jordets conclusie is dan ook dat er meer studie nodig is om het effect van visualiseren en kijkgedrag goed aan te tonen.

Dit onderzoek is relatief oud namelijk 2003. De techniek heeft in de tussentijd zeker niet stilgestaan en er zijn vele nieuwe toepassingen om kijkgedrag los van het veld te trainen. Virtual Reality komt misschien wel het dichtst bij visualiseren. Het Nederlandse bedrijf Beyond Sports is hier erg ver mee. Bij nu.nl wordt aangegeven dat Beyond Sports in samenwerking met de Universiteit van Utrecht onderzoek doet naar de implicaties van VR op het menselijk brein en naar de effectiviteit van haar toepassing. Met een van de eerste afgeronde onderzoeken is aangetoond dat de gesimuleerde beweging die ervaren wordt in VR de hersenen beter laat presteren als het gaat om spatial updating: door een speler niet in stilstand naar een 2D scherm te laten kijken, maar hem te laten ervaren dat hij meebeweegt met het spel in een 3D omgeving, neemt hij de posities en bewegingen van medespelers en tegenstanders beter in zich op. Het brein denkt echt in beweging te zijn, dat geeft aan hoe intensief de VR simulatie is. Een geweldige onderzoekstudie zal zijn om het protocol van Jordet te vertalen naar VR. Zeker omdat met VR een stuk toegankelijker is dan Visualiseren. Nike heeft een aantal jaren geleden wel ingezet op visualiseren, bekijk hieronder de trainer (Nike Genius​):

Later meer over de praktische toepassing van dit onderzoek...

Hierbij de link van het onderzoek:

https://www.researchgate.net/publication/233156254_Perceptual_Training_in_Soccer_An_Imagery_Intervention_Study_with_Elite_Players

Studie: Talent identificatie en selectie op basis ...
Het Ultieme Brein van een Topschaker..